Verklaring NCPN en CJB omtrent corona-uitbraak

By webmaster30 maart 2020april 1st, 2020Doorgeplaatst, Ingezonden, Opiniestuk

We stuitten onlangs op een analyse, die in onze ogen een goede achtergrond schetst bij de huidige crisis en de maatregelen die worden genomen.

Die willen we hieronder graag delen. Het gaat daarbij niet om de mening of het standpunt van de AFVN/BVA.

De AFVN/BVA betuigt haar medeleven aan alle nabestaanden van de slachtoffers van de corona epidemie. Daarnaast dankt zij de werkers die onze verzorging draaiende houden. Zoals altijd verdienen zij de winsten voor het kapitaal, terwijl ze nu extra kwetsbaar zijn. Dezelfde winsten die door bezuinigingen en privatisering o.a. op de ziekenhuizen en thuiszorg zonder schroom zijn binnengehaald. 

De zakken van Rutte zijn diep als hij over 90 miljard belastinggeld praat. Natuurlijk gaat het voornamelijk naar de grote spelers. Daarom willen wij de werkenden erop wijzen dat zij hun rechten niet laten ‘wegmasseren’ voor het nationale belang.

De AFVN/BVA is, met haar FIR lidmaatschap, een erkende vredesorganisatie namens de VN en in die hoedanigheid spreken wij onze bijzondere zorg uit over het autoritair optreden van regeringen.
De maatregelen tegen de corona pandemie zijn vergaande inperkingen van de politieke rechten.
Maatregelen als een uitgaansverbod en verzamelingsverbod mogen om geen enkele andere reden behalve de bestrijding van ziekte uitbraken worden ingesteld en moeten altijd onder controle van het parlement vallen!

Alle nodige maatregelen moeten genomen worden om de gezondheid van de bevolking te beschermen en de werkers te ondersteunen

Partijbestuur NCPN en Algemeen Bestuur CJB

De uitbraak van het coronavirus heeft grote gevolgen op ons dagelijks leven. Duizenden mensen in Nederland zijn besmet geraakt, honderden zijn ernstig ziek en er zijn helaas al vele mensen overleden. Ondertussen stevent de economie af op een recessie. Veel mensen hebben hun baan verloren of dreigen die te verliezen. Dit stuk heeft als doel inzicht te bieden in de huidige ontwikkelingen in de economie, de politiek en de gezondheidszorg. De economische en politieke ontwikkelingen worden enerzijds door de corona-uitbraak beïnvloed, maar de corona-uitbraak wordt anderzijds ook gebruikt als aanleiding.

Inhoud

  1. De economische situatie voor de uitbraak.
  2. Virusuitbraak ontketent recessie die al voor de deur stond.
  3. Economische maatregelen voor epidemie: steun voor het grootkapitaal en kruimels voor de werkende mensen.
  4. Maatregelen voor de volksgezondheid.
  5. Schrijnende tekorten in de zorg en tekortschietende maatregelen.
  6. De rol van de overheid in de bestrijding van de corona-uitbraak.
  7. De behoeftes van de werkende klasse in deze omstandigheden.
  8. Een strategie voor de werkende klasse.

1. De economische situatie voor de uitbraak

In het nieuws zien we de afgelopen dagen veel berichtgeving over de effecten van de corona-uitbraak en de genomen maatregelen op de economie. Er wordt een economische recessie voorspelt. In werkelijkheid haperde de economie al voor de uitbraak van het coronavirus. De crisis van 2008 is nooit echt opgelost. Ondanks alle jubelverhalen over de economie en lage werkloosheid, was de groei zeer laag in verhouding tot de financiële steunmaatregelen door de overheden. De afgelopen jaren werden miljarden in de economie gepompt, centrale banken steunden grote bedrijven, banken en overheden door op grote schaal leningen over te kopen, en de aandelenmarkten bereikten grote hoogtes. Maar toch bleef de economische groei beperkt tot een paar procenten. Loonstijgingen waren mager en vaak grotendeels door inflatie tenietgedaan. De economische groei was zwak. Vanaf 2019 namen de signalen toe dat een nieuwe economische crisis eraan zat te komen; in de belangrijkste Europese landen was bijvoorbeeld de krimp in de industriële productie al begonnen.

Uit sociaaldemocratische hoek wordt dit voornamelijk verklaart door het zogenaamde ‘neoliberale beleid’ van afbraak van sociale voorzieningen, uitverkoop van nutsbedrijven, liberalisering van markten en internationale vrijhandel. Hierdoor zou de koopkracht achterblijven en wordt de economische ontwikkeling geremd. Tegelijkertijd hebben we echter gezien dat sociaaldemocratische regeringen de afgelopen jaren grofweg hetzelfde beleid voerden (bijvoorbeeld de PS-regering in Frankrijk of de SYRIZA-regering in Griekenland). Dit laat zien dat het beleid van privatiseringen noodzakelijke hervormingen betreft die het kapitaal doorvoert in het licht van de groeiende tegenstellingen van het kapitalisme en de concurrentieslag van de EU tegenover andere imperialistische machtsblokken.

Het is goed om te realiseren dat keynesiaans beleid van investeringen, wat hier en daar ook is geprobeerd, de aankomende economische crisis evenmin kan voorkomen. Het probleem is namelijk niet een obsessie van beleidsmakers met ‘neoliberaal beleid’, maar het kapitalistische systeem zelf. De interne tegenstellingen van het kapitalisme, oftewel de economische wetmatigheden die de kapitalistische productiewijze kenmerken, zorgen er onvermijdelijk voor dat de kapitalistische economische crisis om de zoveel jaar opduikt. De crisis is een uitdrukking van dat het systeem dat tegen zijn grenzen loopt. Er resten maar twee uitwegen uit zo’n crisis: ofwel verdere ontwikkeling van het kapitalisme, wat echter alleen kan plaatsvinden via kapitaalvernietiging op grote schaal, via beurscrashes, faillissementen of zelfs oorlog – ofwel socialisme.

Ondertussen veranderen de internationale verhoudingen. De kapitalistische landen raken steeds dieper verwikkeld in een onderlinge concurrentiestrijd en de strijd over de controle van markten, grondstoffen en transportroutes. Een sprekend voorbeeld daarvan zijn de protectionistische maatregelen, de sancties die aan buitenlandse bedrijven worden opgelegd en de handelsoorlogen, afgewisseld met periodes van tijdelijke ‘wapenstilstanden’, voornamelijk tussen de VS, EU, China en Rusland. Daarbij is het doel om de eigen kapitaalsgroepen maximaal te bevoordelen en markttoegang te geven, ten koste van concurrerende kapitaalsgroepen. Meestal met zeer slechte gevolgen voor mens en milieu. Hetzelfde geldt voor de ‘politieke’ sancties die aan verschillende landen worden opgelegd (bv. Iran), de inmenging in Venezuela en Bolivia, en de imperialistische oorlogen in Syrië en Jemen, waardoor miljoenen mensen zijn gevlucht en gestorven. Ook binnen de EU zijn er verschillende tegenstellingen, die zich bijvoorbeeld manifesteren rond de Brexit, het vluchtelingenbeleid of in de discussies rond de begroting voor de EU.

2. Virusuitbraak ontketent recessie die al voor de deur stond

Met de wereldwijde uitbraak van het coronavirus en de grote beperkingen van de productie slaat de recessie dan in een keer in volle omvang toe. Opmerkelijk daarbij in vergelijking met eerdere jaren is de grote recessie in China, die in de eerste plaats direct te herleiden is naar het stilvallen van een gedeelte van de productie door de maatregelen om de epidemie in te perken. Dit heeft al gelijk een groot effect op de wereldwijde economie, omdat veel productieketens afhankelijk zijn van producten uit China. Nu ook in Nederland en andere landen van de EU maatregelen genomen worden, vallen ook deze economieën in recessie.

Naar aanleiding van de maatregelen tegen de corona-uitbraak, zijn duizenden mensen in Nederland ontslagen en miljoenen in de EU. De corona-uitbraak ontketent de recessie die al voor de deur stond.  De verdere ontwikkeling van de economie zal o.a. afhangen van de maatregelen die genomen worden en hoelang die blijven gelden. Er is echter een zeer reële kans dat ook na een uiteindelijke overwinning op het virus de economie niet zomaar weer zal aantrekken. Die geluiden zijn hier en daar al te horen. De baas van de OESO[1] is bijvoorbeeld een van de eersten die dit durfde uit te spreken. De leiders van de EU, de VS, de Nederlandse regering en ook de Nederlandse vakbonden houden voorlopig nog stug vol dat er na de ‘corona-recessie’ gelijk weer de ‘corona-opleving’ komt.

3. Economische maatregelen voor epidemie: steun voor het grootkapitaal en kruimels voor de werkende mensen

De economische steunmaatregelen die in Nederland en de EU, maar ook in de andere kapitalistische landen, worden genomen, richten zich in eerste instantie op het veiligstellen van de winsten van het grootkapitaal. Enerzijds wordt het monetaire beleid van de centrale banken weer maximaal verruimd, o.a. door opkoopprogramma’s (feitelijk geld drukken) en in de VS ook al met een forse renteverlaging. Anderzijds worden maatregelen genomen om de korte termijn gevolgen van de aan het virus gerelateerde beperkingen op te vangen voor bedrijven, in eerste plaats voor het grootkapitaal maar ook voor mkb en kleine zelfstandigen. Sommige van deze maatregelen verlichten op korte termijn de gevolgen voor de werkende klasse. Maar de maatregelen zijn vooral voor het bedrijfsleven, waarbij de redenering is dat als de bedrijven maar genoeg gesteund worden, zij hun werkers even goed zullen blijven opvangen (‘trickle-down economics’). Het dogma van ‘wat goed is voor de economie is goed voor iedereen’ blijft leidend.

Al op 12 maart kwam de ECB met een eerste steunprogramma voor het grootkapitaal. Boven op het maandelijkse opkoopprogramma voor obligaties (grote schuldpapieren in handen van banken) van 20 miljard per maand, komen voor 2020 nog eens 120 miljard euro beschikbaar. Daarnaast worden extra goedkope leningen geveild aan de banken. Die tastten gretig toe en streken tegen min (!) 0,5% rente 110 miljard euro op. Daarnaast worden de eisen voor buffers die banken en financiële concerns moeten aanhouden verlaagd, zodat zij meer geld kunnen uitlenen. Op 16 maart wordt bekend dat de EU tijdelijk directe staatssteun aan door de crisis getroffen bedrijven zal toestaan in de lidstaten. Daarnaast biedt de Europese Investeringsbank 40 miljard aan garanties voor leningen voor getroffen bedrijven en financiële steun aan de sector volksgezondheid. De Europese Commissie kondigt aan dat alles zal worden gedaan om de euro, oftewel de grote bedrijven en de banken van de EU, te steunen. Dit is feitelijk een aankondiging dat alle financiële tegenslagen voor het kapitaal voor rekening komen van de belastingbetaler.

Netjes getimed op de volgende dag, 17 maart, kondigt de Nederlandse regering haar invulling aan van de ruimte voor economische maatregelen die door de ECB en Europese commissie wordt gegeven. Grappig genoeg viert de FNV dit als een resultaat van haar lobbywerk. De meest betekenisvolle maatregel is de ‘Tijdelijke Noodmaatregelen Overbrugging ten behoeve van het behoud van Werkgelegenheid (NOW)’. Deze vervangt de ‘Regeling Werktijdsverkorting’ (deeltijd werkloosheidsuitkering WW). Werkgevers kunnen hun personeel sterk korten in de ingezette uren en de uitvallende uren laten betalen door het UWV. Voorwaarde is dat niemand wordt ontslagen zolang het bedrijf steun ontvangt. Zodoende houden werkers hun baan en inkomen, en bedrijven gaan niet onderuit aan hun wettelijke verplichting tot loondoorbetaling. Het is dus in de eerste plaats steun aan het bedrijfsleven, die ook ten goede komt aan werkers. Het neemt echter niet weg dat alsnog tienduizenden mensen met tijdelijke contracten en oproepcontracten hun baan verliezen en in de WW terecht komen, met de bijhorende achteruitgang in inkomen en het risico op langdurige werkloosheid en dus bijstand. De maatregel zegt namelijk niets over het verlengen van contracten. Zo is al bekend dat bijvoorbeeld bij KLM 2000 flexwerkers hun baan zullen verliezen.

Een aantal andere maatregelen die genomen worden zijn:

  • Er komt een onvoorwaardelijke bijstandsuitkering voor zzp’ers. Hoewel mager, wel een steun specifiek voor werkenden. Deze maatregel werd genomen na de ophef die ontstond n.a.v. de absurde uitspraken van minister Wiebes van Economische Zaken dat zzp’ers “zelf bewust dat risico hebben genomen” door niet in loondienst te gaan. Deze maatregel heeft echter vooral ook als doel om het fenomeen zzp in stand houden als flexibel en rechteloos deel van de arbeidersklasse met beperkte mogelijkheden om zich te organiseren in het kader van de vakbeweging.
  • De belastingdienst stopt per direct met belastingvorderingen bij bedrijven. Bedrijven kunnen uitstel van betaling aanvragen voor vele belastingen inclusief gemeentelijke lasten. Deze maatregelen gelden niet voor de werkende mensen. De inkomstenbelasting wordt nog steeds iedere maand automatisch ingehouden en de gemeentelijke lasten moeten dit voorjaar betaald worden.
  • De overheid verruimt haar garantieprogramma waarmee zij het makkelijker maakt voor bedrijven om aan leningen te komen door garant te staan voor de helft van de lening. Voor landbouwbedrijven zal de overheid zelfs garant staan voor de volledige lening.
  • Zelfstandigen en het MKB kunnen een halfjaar uitstel krijgen op terugbetaling van micro kredieten bij de overheid.
  • De voorlopige aanslagen voor toeristenbelasting worden mogelijk tijdelijk stopgezet voor horeca en aanverwante bedrijven. Dit is niet zo zeer een steunmaatregel als een zinvolle blik in de toekomst. Bedrijven ontvangen namelijk een voorlopige aanslag, die ze ook moeten betalen, op basis van hun vroegere inkomsten. Nu zijn hun inkomsten ineens veel lager.
  • Als kers op de taart zal het kabinet nog compensaties uitwerken voor bedrijven die direct zijn getroffen door de beperkende maatregelen vanwege corona. Bedrijven moeten zo een deel van hun misgelopen inkomsten vergoed krijgen als dit direct valt te wijten aan verboden of beperkingen door de rijksoverheid.

Het moge opvallen dat in deze hele lijst maar twee punten staan waar werkers van ‘profiteren’, in de vorm dat ze geen loon verliezen, niet direct werkloos worden, of in het geval van zzp’ers door middel van een bijstandsuitkering ten minste niet ter plekke verhongeren. Voor de grote bedrijven en de banken komen daarentegen miljarden aan cadeaus in hun zakken terecht.

Voor ouders die geen gebruik kunnen maken van de kinderopvang werd pas op 20 maart bekend gemaakt dat zij hun eigen bijdrage in de kosten zullen terugkrijgen. Dit neemt echter niet weg dat werkende ouders nu gedwongen vakantiedagen moeten opnemen of een vervangende opvang moeten betalen. Met name voor ouders met een laag inkomen zal dit veel duurder zijn, omdat hun eigen bijdrage aan de kinderopvang slechts een beperkt percentage is van de totale kosten. Maar private inhuur van oppas kost gewoon de volle mep.

Voor werkers met een tijdelijk contract of uitzendcontract die werkloos worden, zijn er nog steeds totaal geen steunmaatregelen. Zij komen simpelweg in de WW terecht, wat betekent dat ze een kwart van hun inkomen verliezen, hoogstwaarschijnlijk geen ander werk vinden, en over een paar maanden massaal instromen in de bijstand. Dan zullen voor diegenen die tot nu toe een redelijk inkomen hadden al snel problemen komen met de hypotheek of huur betaling en gedwongen verhuizing dreigen. De werkers die een laag inkomen hebben en toch al aan de onderkant van de woningmarkt zitten, worden bedreigd met dakloosheid, want ook de ‘onderkant’ van de huurmarkt begint ondertussen bij 50% van de bijstand. Dat er nu een vrijwillige overeenkomst van een beperkt aantal verhuurders is om tijdelijk geen mensen wegens betalingsachterstanden uit huis te zetten is een schijnoplossing. De grote huisjesmelkers zullen zich hier niet aan houden, er is geen enkele juridische garantie, en het verandert niets aan de nu al onbetaalbare huurprijzen.

Op 19 maart kwam de regering met aanvullende maatregelen om de gevolgen van de crisis voor studenten op te vangen. Zo werd het bindend negatief studieadvies voor een jaar uitgesteld, wordt de deadline voor inschrijving bij hoger onderwijsinstellingen met een maand verlaat naar 1 juni en mogen mbo-studenten doorstromen naar het hbo ook al hebben ze door de corona-uitbraak hun mbo-diploma onverwacht nog niet op zak. Allemaal voor de hand liggende maatregelen, die weinig kosten. Maar een half jaar langer studeren betekent ook een half jaar langer lesgeld of collegegeld betalen, een kamer huren en onvoldoende tijd hebben om te werken voor je inkomen. Voor dit serieuze probleem biedt de overheid verruimde maatregelen om te lenen bij DUO. Een hele dikke sigaar uit eigen doos dus.

4.  Maatregelen voor de volksgezondheid

Ter bescherming van de volksgezondheid moet de verspreiding van dodelijke virussen worden verhinderd. Er zijn inentingen beschikbaar tegen de meeste virale ziekten die in ons land normaal voorkomen. Deze inentingen zijn niet verplicht, maar worden wel sterk gestimuleerd. Ook voor de griep worden ieder jaar veel mensen ingeënt die bijzonder kwetsbaar zijn vanwege hun leeftijd of door ziekte. Met het coronavirus is nu een nieuw virus wereldwijd verspreid waarvoor nog geen vaccin of medicijn bestaat. Het coronavirus is op het moment veel dodelijker dan de gewone griep, waardoor met name ouderen en andere kwetsbare groepen serieuze risico’s lopen. Omdat het een nieuw virus is en mensen nog niet immuun zijn voor het virus, kunnen veel mensen tegelijk ziek worden. Zo kunnen zeer gevaarlijke situaties ontstaan als de gezondheidszorg onvoldoende personeel en middelen heeft, zoals in Italië het geval is, waar bijna een kwart van de ouderen die de ziekte krijgt overlijdt. Dit scenario dreigt in veel landen. Het virus moet dan ook zo snel mogelijk ingedamd worden. Dit kan alleen door de samenleving in meer of mindere mate op slot te doen zodat contact tussen mensen zo ver afneemt dat de infectie zich niet meer kan verspreiden. In China werd hier uiteindelijk voor gekozen. De geïnfecteerde gebieden werden maandenlang op slot gedaan met een algemeen uitgaansverbod (behalve voor boodschappen) en bijna volledige sluiting van de bedrijven in die regio’s. Het lijkt erop dat hierdoor de nieuwe infecties tot nul konden worden gereduceerd. Vraag blijft echter of dit na opheffing van een lockdown zo blijft.

Deze vergaande maatregel richt zeer veel economische schade aan en daarom proberen overheden in andere landen dit zo veel mogelijk uit te stellen. Het verhaal van de Nederlandse regering is dat de verspreiding van het virus niet valt te stoppen en daarom het sociale contact zo veel moet worden beperkt, zodat de verspreidingssnelheid onder controle blijft en alle ernstig zieken in ziekenhuizen kunnen worden opgevangen. Hoop is dat mensen nadat ze zijn genezen immuun zijn en zodoende meer en meer mensen immuun worden, zodat de verspreiding van het virus via die weg geremd wordt. Deze strategie betekent dat een groot deel van de bevolking het virus zal oplopen nu er nog geen medicijn is. Zelfs als het lukt om de mensen met zwakkere gezondheid te isoleren, zijn in dit scenario tienduizenden doden te verwachten. Daarbij komt dat het niet zeker is in hoeverre en hoe lang genezen mensen inderdaad immuun zijn, en dat een grotere verspreiding van het virus ook de kans op mutaties van het virus vergroot. De aanpak van de overheid heeft dus grote problemen en onzekerheden, en stuit dan ook op kritiek vanuit de Wereldgezondheidsorganisatie.

Concreet heeft de overheid allerlei maatregelen genomen om het contact tussen mensen te beperken:

  • De oproep om anderhalve meter afstand te houden. Alle publieke evenementen zijn afgelast. Oproep om zo veel mogelijk thuis te werken. Geen groepen groter dan twee personen samen op straat.
  • Alle horecagelegenheden gesloten. Restaurants kunnen alleen nog thuisbezorgen of laten afhalen.
  • Kinderopvang en alle onderwijsinstellingen zijn gesloten. Het hoger onderwijs biedt alleen nog onderwijs op afstand.
  • Verzorgingstehuizen zijn gesloten voor bezoek.
  • Iedereen is opgeroepen om bij iedere indicatie van griep of verkoudheid klachten thuis te blijven. Dit geldt niet voor mensen die in de zorg of andere cruciale beroepen werken, zij moeten blijven werken tenzij ze koorts hebben in combinatie met andere symptomen.
  • Sluiting van het aanmeldcentrum voor asielzoekers. Pas na ophef werd überhaupt naar een oplossing voor nieuw arriverende vluchtelingen gezocht. Als in een opvangcentrum geen hygiënische omstandigheden kunnen worden gewaarborgd, plaats mensen dan ten minste tijdelijk in leegstaande hotels.

5. Schrijnende tekorten in de zorg en tekortschietende maatregelen

Helaas moeten we vaststellen dat de maatregelen van de Nederlandse regering te laat zijn genomen en niet toereikend zijn. Over de vraag of een volledige lockdown noodzakelijk is, bestaan onder wetenschappers verschillende meningen. Wel kunnen we vaststellen, dat het nodig is om massaal te testen op het virus en alle geïnfecteerden in quarantaine te plaatsen. Want bij milde symptomen kan het goed zijn dat iemand die niet weet of hij/zij het virus heeft zich niet aan de strikte quarantaine eisen houdt. Hier had de overheid van begin af aan met alle macht op moeten inzetten, maar het tegenovergestelde gebeurde. Niet eens wat ieder kind kon bedenken werd gedaan: direct massaal de capaciteit van ziekenhuizen uitbreiden. De strategie van ‘gecontroleerde verspreiding’ was feitelijk een strategie van ongecontroleerde en onvoorbereide verspreiding. Hierdoor lijkt het erop dat nu een tijdelijke lockdown nodig is, ten minste totdat de capaciteit aan virus-testen en zorg op orde is.

Los van de gekozen strategie, zou het belang van het beschermen van kwetsbaren bovenaan moeten staan. Niet alleen van de ‘meest kwetsbaren’, nee van alle kwetsbaren. De maatregelen gaan echter niet verder dan een oncontroleerbare oproep ‘blijf uit hun buurt’, in combinatie met sluiting van verpleeghuizen. Welke voorzieningen zijn er om kwetsbaren te verzorgen? Wie doet hun boodschappen? Welke regels zijn er om kwetsbaren niet te laten werken als thuiswerken geen optie is? Welke regels zijn er om mantelzorgers niet te laten werken? Gelukkig zijn er vrijwilligersinitiatieven, overbelaste bezorgdiensten en overwerkte mantelzorgers die voor deze mensen zorgen, maar dat is geen beleid. Dit is ook het resultaat van het feit dat de afgelopen tien jaar de thuiszorg is uitgekleed en duizenden mensen in die sector zijn ontslagen.

Verder worden mensen door de regering maar ook via de burgerlijke media constant aangesproken op hun individuele verantwoordelijkheid. Iedereen moet afstand houden, handen wassen etc. Dat is natuurlijk ook belangrijk en iedereen moet ook op deze manieren bijdragen om de verspreiding in te dammen. Maar waar is de verantwoordelijkheid van de staat?

Er zijn of dreigen tekorten aan ziekenhuisbedden, IC-bedden, personeel, maskers, middelen om tests uit te kunnen voeren etc. Tot nu toe is de situatie in Nederland nog niet uit de hand gelopen, maar komende weken worden wel ‘spannend’. Dit is het resultaat van het beleid van de regeringen in de afgelopen decennia, die de zorg hebben geprivatiseerd en veel hebben bezuinigd. Constant worden ziekenhuizen, alsof het bedrijven zijn, gefuseerd, gaan zelfs failliet, en wordt het aantal ziekenhuisbedden beperkt, om de kosten zo laag mogelijk te houden. In 2003 waren er 97 ziekenhuizen met 47.887 bedden, in 2017 nog maar 74 met 37.753 bedden. Dat betekent dat het aantal ziekenhuisbedden met ruim 21% is gedaald. Het aantal IC-bedden is volgens de officiële statistieken gestegen van 1.446 in 2003 naar ongeveer 2000 vandaag. Maar het bleek dat bijna de helft van deze bedden niet operationeel zijn en dat de beademingsapparatuur nog moet worden aangeschaft. Er dreigden zelfs tekorten aan maskers, wat aangeeft dat de voorbereiding op een epidemie te wensen overlaat.

De artsen, verplegers en al het andere personeel in de zorgsector voeren een heldhaftige strijd in deze tijd. Maar wie vecht heeft ook wapens nodig. Er moeten mensen worden opgeleid en aangenomen in de zorg, het aantal ziekenhuizen, ziekenhuisbedden en IC-bedden moet dringend worden uitgebreid, en moet er geïnvesteerd worden in benodigd materiaal. Dit gaat niet met een zorgstelsel dat gericht is op kostenreductie en winstgevendheid, en waar onder normale omstandigheden al sprake is van personeelstekort en moordende werkdruk.

Naast specifieke maatregelen ter bescherming van de kwetsbaren moeten we natuurlijk ook de algemene maatregelen tegen de verspreiding van het virus bekijken. Maar ook hier valt vooral op hoe halfslachtig de maatregelen zijn. Meest belangrijk ter voorkoming van besmetting is dat mensen met symptomen zichzelf isoleren (weer de individuele verantwoordelijkheid). Mensen met griep uit voorzorg voor 14 dagen, anderen ten minste totdat ze geen symptomen meer hebben. Voor de meeste werkers zal precies deze maatregel echter grote financiële gevolgen hebben. Gevolgen waar nog geen enkele compensatie voor is. Veel werkers hebben één, of zelfs twee wachtdagen bij ziekte. Zij krijgen dus in de eerste plaats geen loon als ze thuisblijven. En al word je doorbetaald bij ziekte, dan is dat vaak maar 70% van het gemiddelde loon. Voor mensen met een laag inkomen is dat een behoorlijke klap. Het resultaat is dat veel mensen met symptomen alsnog naar het werk gaan, omdat ze thuisblijven niet kunnen veroorloven. Hier moet per direct een financiële tegemoetkoming komen om dit te ondervangen.

Voor wie wel aan het werk is valt ook op dat de mate waarin bedrijven maatregelen nemen om de verspreiding van het virus te voorkomen volstrekt afhankelijk is van de welwillendheid en het verantwoordingsbewustzijn van de baas. Zelfs de meest simpele maatregelen, zoals ieder half uur je handen mogen wassen, moeten soms worden bediscussieerd. Duidelijk beleid en controle daarop mist. Hetzelfde geldt voor maatregelen om de drukte op het werk te spreiden. Op veel werkplekken is het onvermijdelijk dat mensen in kleine of gesloten ruimtes samenwerken. De overheid adviseert om werktijden zo veel mogelijk te spreiden, maar ook op dit vlak missen duidelijke instructies, laat staan controle op naleving.

6. De rol van de overheid in de bestrijding van de corona-uitbraak

Het is belangrijk om te realiseren dat de overheid geen neutrale instantie is die boven de samenleving staat en deze ‘in goede banen leidt’. Zij is een onderdeel van de samenleving, ze is een uitdrukking van de macht van de heersende klasse. De overheid handhaaft de heersende orde, het kapitalistische systeem dat gebaseerd is op de uitbuiting van de werkende bevolking. Juist in tijden van crisis komt die repressieve rol van de staat sterker naar voren.

Terwijl het op straat verboden is om met meer dan twee mensen bij elkaar te komen en de politie drones inzet om dit te handhaven, zijn de meeste bedrijven gewoon open, moeten duizenden mensen dus dagelijks met het openbaar vervoer en komen veel mensen bij elkaar op werk, terwijl bij sommige bedrijven nauwelijks maatregelen zijn genomen. Als het contactverbod niet op bedrijven wordt toegepast is het feitelijk een verbod op demonstraties, evenementen en het sociale leven. De NCPN en CJB begrijpen goed dat het voor de gezondheid van belang is fysiek contact te beperken. We hebben immers al vroeg onze fysieke activiteiten afgelast. Maar toch maken we ons zorgen om deze ontwikkeling. Het gaat namelijk ook gepaard met een sterke campagne vanuit de politiek en de media waarin een idee van ‘nationale eenheid’ naar voren wordt gebracht: het idee dat onderlinge verschillen nu aan de kant moeten worden gezet om samen deze crisis door te komen. De werkende klasse moet dus inkomstenverlies en werkloosheid maar accepteren en haar eisen in de koelkast zetten, zodat de winsten van de bedrijven in deze crisis gered kunnen worden met allerlei overheidsmaatregelen. Deze tendens van ‘nationale eenheid’, die ook door de partijen die zich links noemen wordt gepromoot, in combinatie met heel veel steun aan bedrijven, zeer vergaande inperking van politieke rechten en racistische opvattingen (recentelijk waren mensen van Chinese afkomst aan de beurt), is een glijdende schaal naar reactionaire en mogelijk gevaarlijke politieke ontwikkelingen.

De overheid zal proberen (schijn-) maatregelen te nemen om de gevolgen van de crisis voor de bevolking behapbaar te houden. Maar de politiek in tijden van crisis dient, net als in andere tijden, de belangen van degenen die de sleutels van de economie in handen hebben, de private eigenaren van de grote bedrijven. Nu met de corona-uitbraak blijkt dit duidelijk uit tenminste twee zaken. Ten eerste de enorme steun voor het bedrijfsleven, die in schril contrast staat tot het gebrek aan steun voor de gewone mensen. Ten tweede dat maatregelen erop blijven gericht om bedrijven draaiende te houden in plaats van de veiligheid van werkers voorop te stellen. Juist daarom is het van groot belang dat de mensen uit de arbeidersklasse nadenken over wat ze nodig hebben, welke behoeftes ze hebben en welke eisen ze kunnen stellen in de strijd voor hun behoeftes.

7. De behoeftes van de werkende klasse in deze omstandigheden

Wat betreft het inkomen moet de werkende klasse een helder doel voor ogen nemen: wij betalen niet voor jullie crisis. Zoals in het begin beschreven is de recessie die nu begint geen ongeluk veroorzaakt door een externe factor buiten onze controle. Het coronavirus is slechts de aanleiding die de al beginnende crisis in alle heftigheid doet uitbarsten. Het gaat om een kapitalistische economische crisis, onvermijdelijk in een systeem gebaseerd op anarchie in de productie en uitbuiting. Omdat de economie in handen is van het grootkapitaal, worden de kosten van hun crisis altijd op onze schouders gezadeld. Dat moeten we zo veel mogelijk vermijden. In dat opzicht zijn een reeks behoeftes en eisen te formuleren.

Ten eerste met betrekking tot het risico op werkloosheid. De WW vangt dit maar heel beperkt op. Men verliest al gelijk 25% van zijn inkomen en dat loopt in latere maanden al snel op, totdat de WW afloopt en men in de bijstand terechtkomt en zodoende officieel in armoede. En dit terwijl noch de aanleiding voor de crisis (corona) noch de oorzaak van de crisis (kapitalisme) schuld is van de werkloos geworden werker. Een ten minste tijdelijke uitbreiding van de WW naar een hoger percentage van het laatste inkomen en naar een langere looptijd zou op zijn plaats zijn.

Hetzelfde geldt voor de doorbetaling bij ziekte. Ziek zijn was al iets dat buiten je macht ligt, nu in tijden van een epidemie is het dat helemaal. Men moet bij ziekte 100% van het loon doorbetaald krijgen en zonder wachtdagen. Dit moet ook gelden voor alle mensen die uit voorzorg in thuisisolatie zijn wegens milde symptomen, net als voor familieleden die zieken verzorgen. Ook zij moeten zonder inkomensverlies voor hun dierbaren kunnen zorgen.

Net als voor bedrijven moeten er ook voor werkers mogelijkheden komen om uitstel van betaling te krijgen zonder gevolgen. De overheid zou hier het goede voorbeeld kunnen nemen door de inning van de gemeentebelastingen uit te stellen, bijvoorbeeld. Ook voor de huur als grootste vaste last zouden tijdelijke uitstelmogelijkheden moeten worden gezocht. Deze crisis toont duidelijk aan wat iedereen al weet: het totale failliet van het huisvestingsbeleid in Nederland. Flinke uitbreiding van de sociale huursector in combinatie met verlaging van de sociale huren en controle op de prijzen in de vrije sector is hard nodig. Eigenlijk zou de hele private huursector moeten worden afgeschaft. Hoezo tolereren we naast sociale woningbouw ook asociale woningbouw?

Uit het hierboven gezegde vallen een aantal eisen te destilleren die het inkomen van werkers in deze crisistijden op peil houden en de volksgezondheid ten goede komen:

Volksgezondheid

  • Massale virus-testen en quarantaine in plaats van ongecontroleerde verspreiding.
  • De hele zorg in handen van de overheid, inclusief het farmaceutisch onderzoek en de productie van geneesmiddelen. Daarbij flink investeren in personeel, middelen en het openen van ziekenhuizen die de afgelopen jaren zijn gesloten.
  • Prijscontroles op middelen voor zorg en hygiëne.
  • Volledige doorbetaling bij ziekte: geen 70% maar 100% van het loon, geen wachtdagen. Betaald door de werkgever.
  • Alle kwetsbare werkers worden ziekgemeld en krijgen 100% doorbetaald zonder te hoeven werken (tenzij thuiswerk mogelijk is).
  • Werkers uit niet cruciale beroepen worden tijdelijk overgeplaatst om werkers in cruciale beroepen te ontlasten (denk aan logistiek van de voedselvoorziening bijvoorbeeld. Dit kan door logistiek werkers uit andere sectoren worden gedaan).
  • Overheveling van alle maaltijdbezorging naar een nationaal orgaan dat voorrang geeft voor mensen in thuisisolatie of medische gebreken die niet zelf boodschappen kunnen doen.
  • Gedetailleerde instructies voor hygiëne en afstand houden op de werkplekken en proactieve controle daarop.
  • Duidelijke instructies over werk spreiden per sector en bedrijfstak en proactieve controle daarop.
  • Spreiding van arbeidsmigranten die collectief worden gehuisvest in de vele lege hotels om massale infecties te voorkomen. Dit ook voor daklozen, thuislozen en vluchtelingen.
  • Een woning voor iedereen, ook voor dak- en thuislozen, arbeidsmigranten en vluchtelingen:
    • schrap de verhuurdersheffing;
    • investeer in sociale woningbouw;
    • prijscontroles en bovengrenzen in de vrije sector huur.

Inkomen

  • Verhoging van de WW tot 100% van het loon en voor de volledige duur van de werkloosheid door een toelage van de overheid.
  • Op termijn verhoging van de WW-premie zodat de WW ook in toekomst 100% van het loon compenseert voor de volledige duur van de werkloosheid. Een uitkering is geen aalmoes, maar een compensatie voor het falen van het kapitalisme om iedereen van werk te voorzien.
  • Voor ouders die geen opvang kunnen vinden: volledige loondoorbetaling.
  • Uitstel van leerplicht en examens zolang de scholen zijn gesloten. Ouders zijn geen onderwijzers en niet alle ouders hebben laptops of iPads die hiervoor nodig zijn.
  • Extra vakantie voor onmisbare werkers in de zorg na de crisis.
  • Uitstel van betaling voor gemeentebelastingen.
  • Garantiefonds van overheid voor wie zijn huur niet kan betalen zodat niemand zijn woning verliest vanwege de crisis.
  • Compensatie van collegegeld voor studenten (MBO t/m WO).
  • Extra toelage in kosten levensonderhoud voor studenten (MBO t/m WO) met vertraging.
  • Verbod op uitkering dividend en het opkopen van aandelen in 2020 en 2021 voor alle bedrijven die steun van de overheid krijgen. 
  • Financier dit alles niet door toekomstige bezuinigingen op sociale voorzieningen maar laat het grootkapitaal betalen.

8. Een strategie voor de werkende klasse

Om dit te realiseren zal machtsvorming van de arbeidersklasse nodig zijn. Dit is in tijden van restricties op het recht op verzameling echter lastig. De maatregelen die nu – al dan niet terecht – worden genomen voor de volksgezondheid, zijn vergaande inperkingen van de politieke vrijheden. Feitelijk is er een verbod om demonstratie en zelfs op politieke vergadering. De vakbonden hebben hun personeel tot thuiswerk verordonneerd en de vakbondshuizen zijn gesloten. Ook de politici van de zogenaamd linkse oppositie zijn net als de vakbonden in een modus gestapt van ‘samen de crisis overwinnen’. Dit ontwapent de arbeidersklasse in een tijd waarin goede organisatie, strijdvaardigheid en een helder programma cruciaal zijn. Het stakingswapen blijft vooralsnog overeind. De arbeidersklasse moet dan ook durven voor haar belangen te staken, juist in deze tijden, en nieuwe strategieën ontwikkelen over hoe en wanneer dit toe te passen. Afgelopen week zijn er stakingen en werkonderbrekingen geweest in verschillende landen, waaronder in Italië. Alle inperkingen van het stakingsrecht moeten worden beantwoord met staking. 

Daarbij gaat het er niet alleen om dat de eisen hierboven moeten worden afgedwongen, maar ook vooral om de vraag wie uiteindelijk betaalt. Volgens de regering is er tussen 60 en 90 miljard euro beschikbaar omdat de schuld van de overheid de afgelopen jaren met dit bedrag is verlaagd. Maar deze verlaging kwam door een ongekend programma van sociale afbraak. En het geld dat hieruit ‘vrij’ is geworden wordt nu aan de bedrijven gegeven in de hoop zo de crisis op te vangen.

De vorige crisis heeft ook aangetoond dat de overheid altijd klaar staat om het kapitaal uit de brand te helpen door tijdelijke nationaliseringen en kapitaalinjecties. Dit komt neer op miljardencadeaus aan kapitalisten die falen. Waar het zogenaamde ondernemersrisico in tijden van voorspoed argument is om de winsten te rechtvaardigen, worden de verliezen in tijden van crisis door de overheid afgekocht. In plaats van nationaliseringen en kapitaalinjecties moeten we eisen dat bedrijven worden gered met de winsten die de eigenaren in het verleden uit hun arbeiders hebben geperst.

De NCPN en CJB maken zich hard voor de bovenstaande eisen, die de gevolgen van de kapitalistische economische crisis voor de werkende klasse kunnen beperken. Maar de ontwikkelingen in de economie, de politiek en de gezondheidszorg tonen ook de noodzaak van meer fundamentele veranderingen.

In de kapitalistische economie zijn de grote fabrieken, kantoren, transportmiddelen en andere productiemiddelen in de handen van private eigenaren, die de productie bepalen op basis van wat de meeste winst oplevert, niet wat de mensen nodig hebben. De NCPN en CJB strijden ervoor dat de economie in handen komt van de maatschappij, zodat de productie centraal wordt gepland op basis van wat de bevolking nodig heeft, op basis van de mogelijkheden die de technologie en wetenschap bieden, met bijzondere aandacht ook voor zaken als het milieu. Dat is het socialisme-communisme.

Alleen in een socialistische maatschappij kan de preventieve zorg en de gezondheidszorg van voldoende middelen en personeel voorzien zijn om iedereen gratis de zorg te bieden die nodig is. Het is veelzeggend dat eind jaren ’80, vlak voor de val van het socialisme in de Sovjet-Unie, er 1.387 ziekenhuisbedden waren per 100.000 inwoners. In de EU zijn er vandaag, 40 jaar later, 541 ziekenhuisbedden per 100.000 inwoners. In Nederland zijn het er ongeveer 455. Er moet een einde komen aan de afbraak van de zorg in Nederland, die de afgelopen decennia is overgeleverd aan private belangen waarmee de zorg wordt doordrongen van de ‘kosten-baten’ mentaliteit. Zorg moet een recht zijn voor alle mensen.

Alleen in een socialistische maatschappij kan economische ontwikkeling op geplande wijze plaatsvinden, zonder de anarchie van de markt en daarmee gepaard gaande economische crises. Werkloosheid, armoede en onzekerheid over of we volgende maand nog rondkomen zijn dan verleden tijd, en is iedereen verzekert van een baan.

De ontwikkelingen in de economie, de politiek en de gezondheidszorg tonen de noodzaak van de strijd voor de eisen van de werkende en studerende mensen om de gevolgen van de crisis voor hun te beperken, maar tonen ook de noodzaak van de strijd voor het socialisme-communisme.