Alex Engbers onderzocht de verschillen tussen de erevelden in Margraten en Leusden. Zijn indrukwekkende beschouwing is hier te lezen.

By webmaster11 oktober 2017januari 4th, 2018Kamp Amersfoort, Russisch Ereveld

Zoek de verschillen tussen een ereveld en een ereveld

Lezing van historicus en publicist Alex Engbers,
tevens voorzitter Stichting Russisch Ereveld

Adoptantendag Stichting Russisch Ereveld, 7 oktober 2017

Onderwerp: hoe Nederland na de oorlog verschillend omging met de soldatengraven van
Amerikanen en Sovjet-gevallenen.

Als laatste mag ik vandaag spreken. We hebben deze ochtend al veel informatie tot ons
mogen nemen. Beklemmende films en ontroerende interviews gezien. Als toetje nu een
soort historische round-up. Met als centrale vraag: hoe is het zo gekomen, deze pregnante
verschillen tussen de erevelden van Margraten en Amersfoort.

Als inspiratie voor mijn toespraak van vandaag leende Remco Reiding, mr Russisch Ereveld,
mij het boek De Margraten Boys, van de eminente Belgische geleerde Peter Schrijvers. In zijn
soepele schrijfstijl schrijft Schrijvers, nomen est omen nietwaar, het verhaal van de
oorsprong van Margraten, de Amerikaanse begraafplaats in het Zuid-Limburgse land.
Je zit in het boek als lezer op de eerste rij. Door de vele bronnen begrijp je al snel hoeveel
indruk de komst van dit immense militaire kerkhof op de omgeving heeft gehad.

In oktober 1944 krijgt de Amerikaanse kapitein Shomon opdracht een tijdelijke begraafplaats
te regelen voor de soldaten van het Negende leger. De strijd is zwaar en er zullen op weg
naar Berlijn nog veel slachtoffers vallen, zo voorziet de legerleiding. Een vooruitziende blik,
terwijl ze dan nog geen weet kunnen hebben van de Duitse veerkracht in de Ardennen, die
pas 16 december 1944 losbarst.

Shomon komt uit in Margraten dat al op 13 september 1944 is bevrijd. Boven op een heuvel
krijgt hij 30 hectare in bruikleen van de Nederlandse overheid. In november begint het
graven in de zompige lössgrond.

Het moet een tijdelijke begraafplaats worden. Soldaten krijgen daarom geen kisten, maar
worden begraven in lijkzakken. Door het Ardennenoffensief en de taaie Duitse weerstand
loopt het aantal bodybags snel op. Met vrachtauto’s worden ze met honderden tegelijk naar
Zuid-Limburg gebracht.

Zo zien de inwoners van Margraten ook met hun eigen ogen – want vrijwilligers hielpen om
de vele honderden graven te delven – hoe de dood eruit ziet. Jonge Amerikanen die zijn
doodgeschoten voor onze vrijheid. Het zorgt voor een golf van dankbaarheid. Er worden
missen gelezen en bloemen op graven gelegd. Ook komt er al snel een adoptie van graven
van de grond. Dat gaat met zoveel enthousiasme gepaard dat in mei 1946 alle graven al zijn
geadopteerd.

Er ontstaan groepen die Limburgers helpen met het schrijven van Engelse brieven. Zo
ontstaan er duizenden draadjes tussen Nederland en de VS. Een fijnmazig web van
verbondenheid. In Limburg worden de graven wat vaker van bloemen voorzien, vanuit
Amerika komen de verhalen over John, James en Leroy. Over hun karakters, hun dromen,
over het gemis dat in hun geboortehuizen nu gevoeld wordt.

Direct na de oorlog worden zoveel mogelijk geallieerde stoffelijke overschotten vanuit
Duitsland overgebracht naar onder meer Margraten. Er liggen dan in Zuid-Limburg 17.742
Amerikanen en 1026 andere geallieerden, onder wie ruim 691 Sovjet-soldaten. Overigens
liggen in de directe omgeving ook nog eens ruim 3000 Duitsers, maar dat terzijde.

In 1947 wordt besloten om Margraten een permanente status te geven. Eind 1948 worden
alle soldaten geëxhumeerd, zoals we eerder op film zagen, om daarna in een metalen kist te
belanden. Ruim 10.000 werden overgebracht naar hun geboortegrond in de VS, ruim 8.000
werden in Margraten herbegraven. De Sovjet-soldaten werden overgebracht naar
Amersfoort.

Margraten is een schoolvoorbeeld van hoe het kan.
Abel Herzberg schreef ooit: er zijn geen zes miljoen joden vermoord, maar zes miljoen keer
één jood. Datzelfde geldt voor Margraten. Door de inspanning van velen liggen er geen ruim
achtduizend Amerikaanse soldaten begraven, maar is er tot op de dag van vandaag aandacht
voor 8301 keer één soldaat. Is er aandacht voor die ene Amerikaanse jongeman die de
oceaan overstak om het fascisme een halt toe te roepen. Die een vader en moeder
achterliet. Die zijn dromen niet kon vervullen. Een jong leven gebroken in de knop. Met alle
pijn rondom zijn gedoofde ziel. Maar geen naamloos slachtoffer. In Margraten wordt 8301
keer één mens in ere herdacht.

Op wereldschaal is het voor iedereen duidelijk dat door de Tweede Wereldoorlog de
verhoudingen voorgoed zijn veranderd. Groot-Brittannië en Churchill hebben weliswaar de
oorlog gewonnen, maar hun wereldrijk en hun dominante positie is verkruimeld. Dat was
overigens ook de verwachting van Chamberlain toen hij in 1938 in München probeerde een
oorlog te voorkomen. Later is hij weggezet als een slapjanus, maar hij wist toen al dat
Londen zich twintig jaar na de vorige wereldoorlog zich geen tweede kon veroorloven. Dat
het land daartoe de financiële veerkracht niet had. En hij kreeg gelijk.

Al tijdens de oorlog nemen de Verenigde Staten die rol van de Britten over. Een rol die
overigens betwist wordt door de Sovjet-Unie, maar daar kom ik strak op terug.
De Verenigde Staten zijn in de jaren veertig tot wasdom gekomen. De laatste restjes
isolationisme zijn afgeschud. Voor zover dat sentiment nog leefde hebben de Japanners dat
met de aanval op Pearl Harbor op 7 december 1941 vakkundig het zwijgen opgelegd. De
Amerikanen trekken hun oorlogsindustrie in de hoogste versnelling. Soldaten worden
klaargestoomd voor gevechten in Europa en Azië.

De Amerikanen hebben in die rol grote offers gebracht. Ruim 400.000 GI’s, of moet ik zeggen
407.300 keer een jonge Amerikaanse knul, vinden de dood. Zowel Duitsland als Japan
moeten uiteindelijk het hoofd buigen, al is daar in het laatste geval een verschrikkelijk
wapen, de atoombom, voor nodig.

Na 1945 zijn de Amerikanen wereldwijd in de lead. Het sterkste land, het rijkste land, het
meest aansprekende land. Zeker ook door de kracht van Hollywood en de geboorte van de
Rock-‘n’-Roll in de jaren vijftig. Route 66 als metafoor van gelukzalige horizonten waar
persoonlijk vrijheid centraal staat. Dat is ten minste het beeld zoals we dat in Nederland
herkennen. En we voelen er ons senang bij. Met de Verenigde Staten als grote broer hoef je
nergens bang voor te zijn.

In Moskou werd daar na de oorlog heel anders naar gekeken. Dat begon al met de
oorlogsinspanning. Natuurlijk is het verlies van 407.300 soldaten een ramp voor de VS. Maar
de Sovjet-Unie had 25 keer zoveel soldaten verloren! Zeker 10 miljoen Sovjet-soldaten zijn
gesneuveld. En nog een groot verschil: de Amerikanen kenden nauwelijks burgerslachtoffers.
De oorlog had immers nooit het Amerikaanse vasteland bereikt. In de Sovjet-Unie zijn
daarentegen zo’n zestien miljoen burgers verhongerd of door de Duitsers vermoord. Alleen
al in Leningrad zijn zeker een miljoen Russen van honger om het leven gekomen.
Het zijn verliezen die haast niet te bevatten zijn. Geen enkel land komt absoluut of
percentueel in de buurt van deze verdrietstabellen.

Toch hebben we in West -Europa nooit veel compassie gevoeld met deze Sovjet-offers. En
dat heeft verschillende oorzaken.

Ten eerste moet verdisconteerd worden dat communicatie in de jaren vijftig nog traag gaat.
Er is nog geen tv, computer of mobieltje. Het overgrote deel van de Nederlanders weet tot
op de dag van vandaag niet hoe groot de Sovjet-bijdrage aan de zege op nazi-Duitsland is
geweest.

Ten tweede is er de handicap van de Russische taal en het cyrillische schrift. Dat werkt
afstotend. En dan zijn ze ook nog eens orthodox. Voor wie wel eens in Rusland is geweest,
weet evenwel dat de overeenkomsten groter zijn dan de verschillen. Vorige week was ik nog
in Sankt Petersburg. Een stad die net zo Europees is als Londen, Lissabon of Athene. Mijn
pinpas werkte er, ik zag gelovige Christenen, genoot van de Hermitage, wandelde langs op
Amsterdam geïnspireerde grachten en stond stil bij het graf van Egbert Engberts, ooit een
vooraanstaand handelskoopman aan de Nevski Prospect.

Ten derde heeft tussen grofweg 1946 en 1990 de Koude Oorlog gewoed. De VS en de
Sovjet-Unie zagen zich beiden als leider van de wereld. In een bizarre wapenwedloop
probeerden ze elkaar af te troeven. Tot en met een wederzijds gegarandeerde vernietiging
aan toe.

Deze politieke strijd en militair spierballengerol ging gepaard met een felle ideologische
strijd. Wie was het eerst in de ruimte, wie het eerst op de maan, wie haalde de meeste
Olympische medailles en zo verder.

Nederland dat ooit zijn rijkdom te danken had aan de zogenoemde moedernegotie met de
Baltische Staten en Novgorod, keerde zijn gezicht in deze beangstigende Koude Oorlogsjaren
resoluut naar het westen. Vanuit de VS kwam al het goede, vanuit Moskou enkel de dreiging.
Politiek, militair ( de NAVO dus) en cultureel kiezen we voor de Atlantische band.
Het is tegen die achtergrond dat het Russisch Ereveld in Amersfoort totaal anders wordt
gezien dan Margraten. Tot ver in de jaren vijftig controleert de BVD of er geen crypto
communisten op het ereveld in Amersfoort rondhangen. Want sympathie voor deze
oorlogsslachtoffers is suspect.

Waar de Amerikaanse soldaten mochten rekenen op de empathie van duizenden en de
Oranjes Margraten gemakkelijk wisten te vinden, was er enkel kilte voor de 865 Sovjet-
soldaten in Amersfoort. Vrijwel geen Nederlander bekommerde zich om deze jongens,
hoewel ze dezelfde hoge prijs in dezelfde oorlog hadden betaald. De Amersfoortse
joods/socialistische wethouder Koopman vormde een uitzondering, maar ook hij kon de
tijdgeest niet veranderen.

Den Haag wees Amersfoort aan om een Russisch Ereveld in te richten. Hier waren nl in de
oorlog, en dat hebben we vandaag ook al op film gezien, door de Duitsers 101
Sovjetsoldaten, waarschijnlijk uit Oezbekistan, uitgehongerd of gefusilleerd. Daar kwamen in
1948, de Koude Oorlog woedt dan al in alle hevigheid, de 691 van Margraten bij. Uit andere
delen van het land volgen er later nog 73.

Sinds 1962 , voordien waren het nota bene nummerblokje zonder namen, staan de 865
stenen in het gelid op het Russisch Ereveld. Maar juist die naam getuigt onbedoeld van
desinteresse want het zijn niet enkel Russen. Sovjet-ereveld was een betere naam geweest.
Decennialang was het een liefdeloze plek De OGS maaide er jaar na jaar het gras zonder een
sprankje belangstelling voor de mensenlevens achter de onleesbare grafopschriften. En eens
per jaar kwam de Sovjetambassade op 9 mei langs om plichtmatig eer te betonen. Verder
zag je enkel rondhuppende konijntjes.

Dat was de situatie tot zo’n twintig jaar geleden. Het was een vergeten plek. Een onheuse
plek. Een verstoten kind van de Koude Oorlog.

Dat verandert pas als eind jaren negentig een jonge Amersfoortse journalist in opleiding
voor het eerst het Ereveld bezoekt. Hem is de suggestie gedaan om eens te kijken of hij er
brood inziet om familieleden van deze soldaten op te sporen.

Hij raakt gefascineerd door de cyrillische namen, die hij niet kan lezen. Misschien is hij ook
wel geboeid door de onmogelijkheid van de vraag. Want hem is verteld dat tot nu toe
niemand erin is geslaagd om familie te traceren. Het is domweg te ingewikkeld en dat schrikt
af. Je moet cyrillisch kunnen lezen, je moet Russische, Duitse en Engelstalige archieven
kunnen doorploegen, en je moet heel veel uithoudingsvermogen hebben.

De dan 21-jarige Remco Reiding pakt de handschoen op. Hij voelt zich verbonden met het lot
van deze onbekende mannen. Hij ervaart een wonderlijke cocktail van menselijke
nieuwsgierigheid, journalistieke ambitie en moreel plichtsbesef. Het is het begin van een
bewonderenswaardige zoektocht. Remco blijft zoeken waar zijn voorgangers al lang waren
afgehaakt. Het ploegt door archieven, praat met honderden mensen, deduceert en
combineert. Totdat hij na twee jaar succes heeft. Hij weet familie op de Krim te traceren. Hij
reist er op eigen kosten naar toe om de familie te verwittigen. Hij overbrugt zo in één keer
2750 kilometer én zestig jaar. Een bewonderenswaardige prestatie.

Anno 2017 is het Remco al meer dan tweehonderd keer gelukt om familie te traceren. Een
prestatie die hem een Nederlandse koninklijke onderscheiding en menig dankbetuiging uit
de voormalige Sovjet-landen heeft opgeleverd. Zelfs Poetin heeft hem in 2015 in een brief
bedankt.

Ook de stichting Russisch Ereveld heeft een adoptieprogramma opgezet. We zijn trots dat
we al ruim 400 Sovjet-graven hebben weten te koppelen aan Nederlandse belangstellenden.
Door al zijn onderzoeken weet Remco dat er als een direct gevolg van de jarenlange
onverschilligheid nog veel ruimte is voor verbetering op het Ereveld. Namen zouden goed
geschreven kunnen worden, namen kunnen worden aangevuld, vergissingen kunnen
ongedaan worden gemaakt.

Tot op de dag van vandaag is politiek sensitief opereren voor ons noodzakelijk. De BVD
controleert ons echt niet meer maar dat wil niet zeggen dat Den Haag de reflex van de
Koude Oorlog heeft afgeschud. Hoe is het anders te verklaren dat Margraten, zoals het
hoort, al vele ministers en Oranjes heeft mogen begroeten. Terwijl het Russisch Ereveld
sinds de opening slechts één keer een minister heeft gezien.

Gelukkig weten we ons wel gesteund door de gemeenten Amersfoort en Leusden en de
provincie Utrecht. En ooit, zo hopen we, zal ook Den Haag onderkennen dat de 865 van
Amersfoort slechts een klein deel van het enorme aantal van 26.000.000 oorlogsslachtoffers
behelst.

Maar toch, ook deze 865 zonen, broers of vaders hebben het niet overleefd. Ze hebben, net
als de Amerikanen van Margraten, hun leven gegeven om Hitler op de knieën te krijgen. 865
keer één mens. Ze hebben het hoogste offer gebracht. Dat is waar het Russisch Ereveld van
getuigt. Van hun eenzame dood, van het verdriet van hun nabestaanden, van het gemis, van
alle onzekerheid, het niet weten wat er is gebeurd. Het onpeilbare verdriet van hun
geliefden. Daarin zijn we deze 865 mannen schatplichtig.

In hun dood zijn deze 865 Sovjet-soldaten de herauten van onze vrijheid. En daarin
verschillen Amersfoort en Margraten dan weer helemaal niet.

Ik dank u voor uw aandacht.Zoek-de-verschillen-tussen-een-ereveld-en-een-ereveld