|
Non-agressiepact Duitsland USSR |
|
De Duitse Rijksregering en de Regering van de Unie van Socialistische Sovjetrepublieken gedreven door de wens het proces van vrede tussen Duitsland en de USSR te consolideren en uitgaande van de grond bepalingen van het Neutraliteitsverdrag dat in april 1926 tussen Duitsland en de USSR gesloten werd, zijn tot de volgende overeenkomst gekomen. Artikel I De beide verdragsluitende partijen verplichten zich van iedere gewelddaad, iedere agressieve handeling en iedere aanval tegen elkander, alleen zowel als ook samen met andere Mogendheden, te onthouden. Artikel II Indien één der verdragsluitende partijen betrokken zou worden in oorlogshandelingen van een derde Mogendheid, zal de andere verdragsluitende partij in geen vorm deze derde Mogendheid ondersteunen. |
Artikel III De Regeringen der beide verdragsluitende partijen zullen voortaan door middel van doelgerichte beraadslagingen in contact met elkander blijven om zich over en weer op de hoogte te houden van kwesties die hun beider interesse hebben. Artikel IV Geen der verdragsluitende partijen zal zich -met een of andere Mogendheid verbinden die zich direct of indirect tegen de andere partij richt. Artikel V Indien er geschillen of conflicten tussen de gedragsluitende partijen over vragen van welke aard ook zullen ontstaan, zullen beide partijen deze geschillen of conflicten uitsluitend door middel van vriendschappelijke gedachtewisseling, of in dringende gevallen door het instellen van een bemiddelingscommissie oplossen. |
Artikel VI Dit verdrag wordt voor de tijd van 10 jaren gesloten met de bepaling dat als geen der verdragsluitende partijen het een jaar voor afloop opzegt, de duur van dit verdrag automatisch met vijfjaren wordt verlengd. Artikel VII Dit verdrag zal intern op de kortst mogelijke termijn geratificeerd worden. De ratificatie-oorkonden zullen in Berlijn uitgewisseld worden. Het verdrag treedt door ondertekening onmiddellijk in werking. Uitgebracht in twee originele akten, in de Duitse en Russische taal. Moskou, 23 augustus 1939 Voor de Duitse Rijksregering |
|
|
| maart 2009 |
8
|
|
Geheim aanhangsel |
|
Geheim aanhangsel bij het Duits-Sovjetische Niet-Aanvalsverdrag van 23 augustus 1939 Ter gelegenheid van de ondertekening van het Niet-Aanvalsverdrag tussen het Duitse Rijk en de Unie van Socialistische Sovjet Republieken hebben de ondertekenende gevolmachtigden van beide partijen in streng vertrouwelijk onderhoud de vraag van de grens van beider belangengebied in Oost-Europa besproken. l In het geval van
een verandering van de staatkundige grenzen in de tot de Baltische Staten
Finland-Estland-Letland-Litauen) behorende gebieden, is de noordelijke
grens van Litauen gelijktijdig de grens van het belangengebied van Duitsland
en de USSR. |
2 In het geval van een verandering van de staatkundige grenzen van de tot de Poolse Staat behorende gebieden, wordt de grens van het belangengebied van Duitsland en de USSR ongeveer door de rivieren Narew, Weichsel en San afgebakend. De vraag of in beider belang het behoud van een onafhankelijke Poolse Staat raadzaam zal blijken en hoe de grenzen van deze Staat moeten lopen, kan definitief aan de hand van verdere staatkundige ontwikkelingen bepaald worden. In ieder geval zullen beide Regeringen deze vraag door middel van een vriendschappelijk overleg oplossen. 3 Met betrekking tot Zuid-Oost-Europa wordt van Sowjet zijde interesse voor Bessarabië getoond. Van Duitse- zijde wordt verklaard dat er voor dit gebied geen interesse bestaat. |
4 Deze overeenkomst wordt door beide partijen streng geheim gehouden. Moskou 23 augustus 1939 Voor de Duitse Rijksregering v. Ribbentrop Als gevolmachtigde van de Regering der USSR W. Molotow
Zie voor meer duidelijkheid de kaart op blz. 5. |
|
In memoriam
Jan Heusdens (1921-2009) In het bijzijn van
zijn familie overleed op 26 februari op 87-jarige leeftijd Jan Heusdens
na een kort ziektebed. Zijn leven lang heeft hij opgetreden voor de belangen
van de mensen, voor sociale gerechtigheid en tegen racisme en fascisme.
In de CPN heeft hij diverse functies bekleed. Ook na de oorlog bleef
de strijd tegen fascisme en racisme een belangrijke rol spelen in zijn
leven. Het maakte integraal onderdeel uit van zijn algehele politieke
inzet. Hij vertelde zijn verhaal op scholen en liet zijn gedrevenheid
zien om te waarschuwen tegen de gevaren van fascisme en racisme. Ook stond
hij aan de basis van het Groningse comité tegen fascisme en racisme
dat in de jaren tachtig onder meer optrad tegen extreem-rechtse groeperingen
als het Oud Strijders Legioen. Laat de herinnering aan Jan Heusdens een inspiratiebron zijn voor onze strijd nu. |
|
| maart 2009 |
9
|