|
De vergeten artiesten
(2) Annabelle Schouten |
|
De publiciteit die nazi-artiesten als Johannes Heesters ten deel valt, overschaduwt de artiesten die het slachtoffer werden van het fascisme. Juist deze vergeten artiesten verdienen volgens de redactie van de Anti Fascist alle aandacht. Deel 2 in een reeks, dit keer over de Duits-joodse cabaretier, componist en tekstschrijver Willy Rosen. "Hiervandaan zag ik enkele transporten vertrekken, en nu word ik op het oude stalen spoor geworpen. Nu ga ik zelf aan boord met mijn rugzak. Onder ons gezegd, dit deugt niet." (Een afscheidsgedicht van Willy Rosen toen hij op transport werd gesteld naar Theresienstadt). Als Willy Rosenbaum kwam hij op 18 juli 1894 ter wereld in Magdeburg. Al op jonge leeftijd leerde hij piano spelen. Van de muziek maakte hij in eerste instantie niet zijn broodwinning. Na het gymnasium te hebben afgerond ging hij in de leer bij een textielonderneming. De Eerste Wereldoorlog betekende voor Rosenbaum een omslag. Hij werd naar het oostfront in Rusland gestuurd en raakte daar gewond. Hij richtte zich vervolgens op vermaak voor zijn medesoldaten in een zogeheten fronttheater. Het Berlijn in de roerige jaren 1920, ook bekend als de roaring twenties, gaven een podium aan de getalenteerde Rosenbaum. Hier toonde hij zich een veelzijdig artiest. Op diverse gebieden van de kleinkunst ontplooide hij zich: cabaret, schrijven van liedjes en teksten voor film, optreden als pianist en zanger in theaters, bioscopen en op de radio. Beroemd werden zijn woorden waarmee hij zichzelf bij elk optreden aankondigde: Tekst en muziek van mij!. Niet alleen in Duitsland was hij een populaire artiest, ook in andere landen waar hij optrad, zoals Zwitserland, Denemarken, Tsjecho-Slowakije en Nederland. In 1931 nam hij zijn artiestennaam Rosen aan. Rosens stralende ster aan de artiestenhemel werd in Duitsland gedoofd toen in 1933 de nazis aan de macht kwamen. Het werd hem en talloze andere bekende joodse artiesten verboden om nog langer in de theaterwereld actief te zijn. Rosen besloot daarop te emigreren, eerst naar Tsjecho-Slowakije en in 1937 kwam hij in Nederland terecht, in Scheveningen. Hier was hij vastbesloten zijn passie weer op te pakken en richtte samen met andere gevluchte Berlijnse artiesten het Theater van de Prominenten op. Ondanks het feit dat hij om politieke redenen zijn beroep in eigen land niet meer kon uitoefenen, hield Rosen zich in zijn liedjes en teksten ver van politiek. In één van zijn programmas was te lezen: "Wanneer u uw zorgen wilt vergeten, komt u naar ons, het theater zonder politiek". Na de nazi-bezetting van Nederland vanaf mei 1940 en het doorvoeren van antisemitische maatregelen en wetten was Rosen ook hier zijn artiestenbestaan niet zeker. Joden werden afgezonderd op eigen scholen, in eigen wijken en ook in eigen theaters. Rosen ging bij de cabaretgroep van emigranten van de joodse Hollandsche Schouwburg. Een vriend probeerde een visa voor hem te regelen naar de VS, maar toen het land in 1941 in de oorlog betrokken raakte, ging dit plan niet door. Duitse vluchtelingen konden geen visa meer krijgen voor de VS. De situatie in Nederland werd steeds grimmiger. In 1942 werd het Theater van de Prominenten verboden. In hetzelfde jaar begonnen de nazis met de eerste deportaties van de joodse bevolking. |
Een jaar later werden Rosen en de laatst overgebleven joodse artiesten op transport gesteld naar Westerbork. Het was de nazis vooralsnog echter niet gelukt om zijn kunstenaarsgeest te breken. Ook in het doorgangskamp probeerde hij aanvankelijk door te gaan met theater. Hij schreef liedjes met teksten als: Als je ongelukkig bent, heeft het leven geen betekenis; als je ongelukkig bent, dan glijd je uit en val je; daarom smeek ik je, geluk, om trouw aan me te zijn. Vanuit Westerbork werd Rosen gedeporteerd naar Theresienstadt. Voordat hij vertrok, schreef hij een afscheidsgedicht. De hoop op geluk had hij waarschijnlijk laten varen toen hij de beklemmende angst moest doormaken van iedereen in Westerbork: wie was de volgende voor transport richting het oosten? Hiervandaan zag ik enkele transporten vertrekken, en nu word ik op het oude stalen spoor geworpen. Nu ga ik zelf aan boord met mijn rugzak. Onder ons gezegd, dit deugt niet. Uiteindelijk belandde de ooit gevierde Duitse artiest vanwege zijn afkomst in vernietigingskamp Auschwitz. Op 28 oktober 1944 werd hij vermoord in de gaskamers. Helemaal vergeten is Rosen gelukkig niet. Theaterschrijfster Verona Forster maakte in 2006 een toneelstuk over zijn leven. In zijn geboortestad Magdeburg is een straat naar hem vernoemd: de Willey-Rosen-Straße. Op internet zijn via YouTube (zoekterm ´Willy Rosen´) twee liedjes van hem te beluisteren: ´Das find´ ich reizend von Lulu´ en ´Ich sitz den ganzen Tag an einem Radio´.
Bronnen: |
| mei 2008 |
De
Anti Fascist
|
3
|